Ons telefoon: (070) 38 62 535 Ons e-mailadres: info@care4neo.nl

Kraamtijd

Kraamtijd

Kraamzorg

Normaal gesproken hebben ouders van een pasgeboren baby, afhankelijk van hun zorgverzekeraar, recht op minimaal 24 uur kraamzorg verdeeld over acht dagen, meestal is dat trouwens meer. Als een kind en de moeder gedurende die dagen echter in het ziekenhuis verblijven, komt dat recht meestal te vervallen. En dat terwijl het juist een hele opgave is om er, na al die zorg in het ziekenhuis, ineens alleen of met z’n tweeën voor te staan.

Zoals ouders van een voldragen kind vaak toch al een beetje onzeker kunnen zijn over de verzorging van hun pasgeboren kind, worden ouders van een prematuur kind ook nog eens extra geconfronteerd met de kwetsbaarheid van hun kind.
Je mist dan toch de hulp en tips van de kraamhulp die je toch net een stukje op weg kunnen helpen naar het beste dagritme.

Uitgestelde kraamzorg

De meeste kraamcentra bieden uitgestelde kraamzorg aan (dit wordt soms ook couveusenazorg genoemd). Er komt dan een paar keer een gespecialiseerde kraamverzorgende langs om informatie en tips te geven en te adviseren. Zoals: waar kan het badje het handigst staan? Is de babykamer niet te warm of te koud? Hoe past het geven van borstvoeding in je dagelijkse ritme?

Sommige kraamcentra hebben geen gespecialiseerde kraamverzorgenden. Vraag dan om iemand met veel ervaring, dan kun je er zeker van zijn dat jullie er samen wel uitkomen.

Maar let op: uitgestelde kraamzorg zit niet in de basisverzekering, je moet een aanvullende verzekering hebben en er je polis voor nakijken om uit te zoeken of je hiervoor in aanmerking komt, dan wel wat er wel en niet wordt vergoed. Je kunt natuurlijk altijd even met je zorgverzekeraar bellen om na te vragen hoe het voor jou/jullie zit.

Geen gewone kraamzorg

Uitgestelde kraamzorg is niet hetzelfde als de reguliere kraamzorg. De kraamverzorgende komt niet om je huishouden te regelen en de visite binnen te laten.

Ze komt een paar uur (vaak 3 keer 3 uur) langs om je tips en handvatten te geven, zodat je met vertrouwen je kindje thuis kunt verzorgen na de periode in het ziekenhuis. Je deed daar al veel zelf en je hebt er veel geleerd, maar thuis is het toch anders. Zeker als je een meerling hebt gekregen of wanneer er meerdere kinderen in het gezin zijn. Dan is het handig om op weg geholpen te worden om het dagelijkse ritme op te kunnen pakken.

Bron: Eindelijk thuis, Zita van der Heyden

Een andere kraamtijd

Geen ‘gewone’ kraamtijd

De opname op de neonatologieafdeling is van levensbelang voor je kind. Maar voor het contact tussen jou en je kind is die couveuse ook een obstakel. Zeker als het ziek of extreem te vroeg geboren is, is het niet altijd eenvoudig om je kind te leren kennen. Maar zelfs als de conditie van je kind niet toelaat om te kangoeroeën, kun je je kind laten merken dat je er bent: je mag het, met je handen door de couveuseraampjes, aanraken en ondersteunen, je kunt tegen hem praten of een liedje voor hem zingen. Je zult merken dat hij jou gaat herkennen: aan je stem, je geur, je aanrakingen. Dat is prettig voor hem, maar het helpt jou ook om je echt vader of moeder te gaan voelen.

Daarnaast is het goed je te realiseren dat je ook een kraamvrouw bent: je hebt hoe dan ook een bevalling achter de rug, soms een keizersnee. Dat wordt nogal eens ‘vergeten’ door de omgeving, soms zelfs door de kraamvrouw zelf. Maar je zult moeten herstellen, je krachten moeten hervinden en dat is zeker in deze situatie best lastig.

HELLP

Het komt ook voor dat de kraamvrouw na de bevalling nog heel ziek is: vooral vrouwen met een doorstane HELLP overkomt dat nogal eens. Soms is zelfs opname op een Intensive Care of High Care Afdeling noodzakelijk. Heel verdrietig, omdat je dan ook niet naar je kindje kunt. Terwijl je met deze nare ziekte toch al zoveel moet missen: veel moeders hebben gaten in hun geheugen en kunnen zich achteraf nauwelijks iets van de eerste dagen herinneren. Soms is het mogelijk het kind in een transportcouveuse naar de moeder te brengen: vaders, moeders, vraag of dat mogelijk is. En vaders: maak dan vooral veel foto’s! Die kunnen misschien een beetje helpen de gaten in het geheugen te vullen.

Partner

Na de geboorte van een couveusekindje gaat de meeste aandacht naar moeder en kind. Begrijpelijk, want zij hebben zorg en verpleging nodig. Hoe de partner zich voelt, wordt nogal eens vergeten. Ten onrechte, want zeker bij een vroeggeboorte hebben partners een belangrijke rol.

Veel partners hebben zelf ook het gevoel dat ze aan de zijlijn staan, alsof er niets is wat ze kunnen doen. Maar in de praktijk ben je als partner juist onmisbaar. Je bent vaak eerder dan de moeder in staat om mee te helpen met de verzorging van je kind. En buidelen is zeker niet alleen weggelegd voor de moeder. Wist je dat uit wetenschappelijk onderzoek is gebleken dat partners die veel meehelpen in de zorg voor hun kind een sterkere band met hun kind opbouwen?

Werk

Vaders hebben na de geboorte van hun kind recht op twee dagen kraamverlof, nauwelijks genoeg om zelfs maar de situatie te beseffen waarin je bent terecht gekomen. Wanneer je kind te vroeg is geboren, of om een andere reden in het ziekenhuis moet blijven, kom je er natuurlijk niet met die twee dagen.

Je moet je werk zien te combineren met ziekenhuisbezoek en soms is dat ziekenhuis ver weg. Het kan zelfs zo zijn, dat je partner in een ander ziekenhuis ligt dan je kind. Of bij een meerling dat ze in verschillende ziekenhuizen liggen. Daarnaast kunnen er nog kinderen thuis zijn die zorg en opvang nodig hebben.

Sommige werkgevers zijn meelevend en flexibel, anderen zijn zakelijk en veeleisend. Veel partners zijn bang hun baan kwijt te raken. Soms kun je vakantiedagen gebruiken om op die manier meer tijd te hebben voor je partner en je kind. Het aanvragen van ziekteverlof is ook een optie. Als je daar problemen bij ondervindt, kun je contact opnemen met het maatschappelijk werk van de neonatologieafdeling: zij kunnen een bemiddelende rol spelen.

Maar behalve dat werk een belasting kan zijn, kan het ook als anker dienen. Het kan soms juist van pas komen om je staande te houden in deze lastige periode. Je kunt je even op wat anders concentreren en de contacten via het werk kunnen ook een welkome uitlaatklep zijn voor alle stress en zorgen rond de zwangerschap, de bevalling en de ziekenhuisperiode.

Eigen bedrijf

Weer anders is het voor partners met een eigen bedrijf. Als zelfstandige werken betekent enerzijds dat je meer vrijheid hebt om je werkdagen in te delen of om in deze periode minder opdrachten aan te nemen. Het betekent echter ook dat je bij minder werk minder inkomsten hebt en dat je klanten kwijt kunt raken als opdrachten niet op tijd klaar zijn. Het blijft een moeilijke keuze en soms heb je niet eens de luxe van een keuze.

Overige kinderen

Als het couveusekind niet het eerste kind is in dit gezin, is het vooral de partner die de zorg voor de kinderen thuis heeft, zeker de eerste dagen als de moeder nog in het ziekenhuis is. Geen geringe taak: de kinderen missen hun moeder en zijn vaak nog te klein om goed te kunnen begrijpen wat er aan de hand is.

Je moet je in bochten wringen om je tijd te kunnen verdelen tussen de zorg voor de kinderen thuis, je partner op de kraamafdeling en de baby op neonatologie. Zelfs als er mensen om je heen zijn die de fysieke zorg voor de kinderen willen overnemen, komt het coördineren hiervan vaak op jou neer. En dan is er nog het informeren van vrienden en familie…

Kinderen

Wanneer je pasgeboren kindje direct na de geboorte opgenomen wordt op neonatologie is dat ingrijpend voor het hele gezin. Broertjes en zusjes snappen vaak niet wat er aan de hand is. Als je het door hun ogen bekijkt, verandert er ook nogal wat: de baby die in mama’s buik zat is geboren, maar blijft in het ziekenhuis. Soms waren de andere kinderen in het gezin nog niet eens op de hoogte van de verwachte gezinsuitbreiding! Jullie zelf zijn uit je normale doen: gespannen, moe en soms ook verdrietig. Ineens hebben jullie minder tijd en zin om te spelen. Regelmatig komt er oppas of visite thuis – als je überhaupt al thuis bent en niet tijdelijk in een logeerhuis woont. De baby is het gesprek van de dag. En dan zijn er ook nog de regelmatige bezoekjes aan het ziekenhuis. Kinderen vinden het daar meestal niet lang leuk: het ruikt er raar, je moet er stil zijn en je kunt er niet leuk spelen. Bovendien gaat ook daar alle aandacht weer naar de baby…

Door de komst van de baby kan je oudere kind zich anders gaan gedragen dan dat je van hem gewend bent. Kinderen reageren verschillend op een spanningsvolle situatie. Ze kunnen stil worden en zichzelf wegcijferen of juist heel veel aandacht gaan vragen en lastig gedrag vertonen. Voor jou als ouder is het moeilijk om te zien dat je kinderen moeite hebben met de situatie. Je kunt je verscheurd voelen tussen de zorg voor je baby op de NICU en de zorg voor de kinderen thuis. Het is dan extra moeilijk om je oudste naar opa en oma of een andere oppas te brengen om tijd te hebben voor je jongste(n).

Je kunt je afvragen wat je je andere kinderen kunt vertellen over de baby. Dat is natuurlijk afhankelijk van hun leeftijd: oudere kinderen kun je beter uitleggen waarom de baby in het ziekenhuis moet blijven dan heel jonge kinderen. Het is goed om ze duidelijk te maken dat het niets met hen te maken heeft dat je verdrietig bent. Want ook al probeer je je sterk te houden, meestal merken kinderen toch wel dat er wat speelt. Tegelijkertijd hoeven ze ook niet alles te weten. Niemand schiet er iets mee op als je kind zich zorgen maakt over zaken waar hij niets aan kan veranderen. Je kinderen blijven kinderen en geen gelijkwaardige gesprekspartners. Vertel in grote lijnen wat er aan de hand is (bijvoorbeeld: ‘De baby is ziek en papa en mama zijn daar verdrietig over, want wij zijn ook de papa en mama van de baby, net zoals we jouw papa en mama zijn’). Als er voor je kind vragen onbeantwoord blijven stelt je kind die meestal zelf wel.

Je kunt je oudere kinderen meestal ook een keer meenemen, in de meeste ziekenhuizen zijn broertjes en zusjes welkom op de afdeling. In veel ziekenhuizen geldt de regel dat alleen kinderen worden toegelaten die waterpokken hebben gehad. En natuurlijk moeten ze op dat moment ook niet ziek zijn, ook geen (flinke) verkoudheid. Vraag even na of er regels zijn! De meeste kinderen vinden het prachtig om hun nieuwe babyzusje of –broertje te zien en aan te raken.

Kinderen kunnen op verschillende manieren laten merken dat ze een situatie moeilijk vinden. Vaak vragen ze meer aandacht door druk of ondeugend gedrag. Of ze zijn erg lichtgeraakt. Ook is het mogelijk dat je kind opeens verlatingsangst krijgt of weer in zijn broek gaat plassen terwijl hij net zindelijk was. Zie voor meer informatie over opvoeden in dit soort situaties onze folder: “Ik ben er ook nog!”

Het lastige is, dat dit komt op een moment dat jullie het op dit moment net niet kunnen hebben. Je bent moe, verdrietig en je maakt je zorgen over je pasgeboren baby op de NICU. En dan vragen je andere kinderen ook nog volop aandacht. Waar moet je de energie vandaan halen om daarmee om te gaan…? Wat je ook doet: probeer je niet af te reageren op je andere kinderen. Negeer het opstandige gedrag als het enigszins kan en bedenk dat het voor hen ook een moeilijke tijd is. Natuurlijk moet je grenzen trekken wanneer het te bont wordt… maar probeer dan rustig te blijven. Lukt dat eens een keer niet, bedenk dan dat we allemaal maar mensen zijn en ons best doen, maar soms dingen doen waar we minder trots op zijn. Wanneer je merkt dat je steeds onredelijk uitvalt tegen je kinderen kijk dan of je een oppas kunt inschakelen totdat je jezelf weer een beetje hervonden hebt.

Je kunt je kinderen ook bij hun nieuwe broertje of zusje betrekken door ze bijvoorbeeld een tekening voor bij de couveuse van de baby te laten maken. Of je laat ze – in overleg met de leerkracht van school – iets aan hun klasgenoten vertellen over de baby in het ziekenhuis.

Geboortekaartjes

Vroeger was het een soort statement. Als je kind in de couveuse lag, gaf de neonatoloog aan wanneer je kaartjes mocht sturen: dan zou het goedkomen met je kindje. Nu wordt de keuze aan jezelf overgelaten. Veel ouders kiezen ervoor het (redelijk) snel te doen: je kind is geboren en iedereen mag het weten. Maar er zijn ook ouders die dat niet willen, ze vinden een geboortekaartje ook een soort van uitnodiging van ‘kom maar langs’ – en daar zijn ze nog niet aan toe.

Daarnaast moet je afwegen of je een neutraal kaartje stuurt, of toch iets vertelt over de moeilijke start van je kind. Je kunt het versturen van kaartjes ook uitstellen, bijvoorbeeld tot je kind naar huis mag. In veel ziekenhuizen vind je voorbeelden van kaartjes en teksten.

Familie en vrienden

Kraamvisite

Misschien staat je hoofd er nog helemaal niet naar. Maar – ook als je (nog) geen geboortekaartjes hebt verstuurd – bij vrienden en kennissen zal doordringen dat jullie kindje geboren is.

Veel mensen zullen zeker in de begintijd jullie privacy respecteren en misschien een kaartje sturen, maar zeker de mensen die dichterbij jullie staan willen waarschijnlijk langskomen: thuis of in het ziekenhuis.

Het ziekenhuis kent uiteraard bezoekregels, maar die zul je zelf ook hebben: Wie wil je mee naar binnen nemen en wie niet? Bezoek op de afdeling is vrij aangrijpend voor je kindje en het gaat van je eigen tijd met je kind af.

Je kunt ervoor kiezen de mensen om je heen te laten weten dat je kraambezoek graag later wilt ontvangen, als je kindje (misschien al een tijdje) thuis is. Of dat je tegen die tijd misschien een kraamfeest wilt organiseren. En het kan ook een keuze zijn om het helemaal niet te willen, of alleen voor de allerbelangrijkste personen in je leven. Bedenk goed wat jij en je partner prettig vinden.

Familie en vrienden informeren

Social media zijn een goed middel om vrienden en bekenden op de hoogte te houden hoe het met je kindje gaat. Als je niet met iedereen in detail wilt delen wat je allemaal meemaakt, kun je dat ook binnen een beveiligde (en beperkte) groep doen. Zo zijn er ook sites waar je een blog bij kunt houden: openbaar en voor iedereen toegankelijk, of alleen voor diegenen aan wie jij het wachtwoord geeft. Of alleen voor jezelf, dat kan natuurlijk ook.

Ronald McDonaldhuis

Bij veel ziekenhuizen, zeker bij alle academische, is tegenwoordig een logeerhuis gevestigd – meestal een Ronald McDonaldhuis. Door daar te logeren, ben je in de buurt van je kindje, ook als je zelf misschien ver weg woont van het ziekenhuis.

Ze worden geleid door een manager en ondersteund door vrijwilligers. Je kunt er met je gezin terecht. Het is geen hotel, er wordt van je verwacht dat je je eigen kamer schoonhoudt en zelf kookt (je kunt natuurlijk ook eten in het restaurant van het ziekenhuis, meestal met korting, vraag daar naar bij de verpleging).

Je kunt er gebruik maken van de gemeenschappelijke huiskamer en keuken en de vrijwilligers willen je ook graag ondersteunen als dat mogelijk is. Bovendien vinden de ouders steun bij elkaar. Per overnachting betaal je een kleine eigen bijdrage, die je soms terug kunt krijgen bij een aanvullende verzekering.

Heb je een ouder couveusekind met een handicap of beperking? In verschillende Ronald McDonaldhuizen kun je tegenwoordig ook terecht voor een voordelige vakantie! Kijk op kinderfonds.nl voor meer informatie.

Sluiten